Van onze verslaggever Rutger,
“nee, de derde klasse is zo gek nog niet”
Taveri 4 – Overschie 3 6 – 4 (5 – 0)
De zesde wedstrijd, de tweede opeenvolgende thuiswedstrijd van een serie van vijf is tegen Overschie een onvervalste degradatiekraker. De nummer vier tegen de nummer zes met een verschil van 13 punten vooraf. Als het glas tot aan de rand toe gevuld zou zijn, zou je nog kunnen zeggen dat het aan of afhaken is voor de titel, maar team 4 kent z’n plek en het degradatiespook blijft nog steeds boven ons hangen. Nee, de derde klasse is zo gek nog niet.
Na grondige studie te hebben gedaan op Bart’ teltheorie heb ik maar braaf de eerste partij geteld als onderdeel “zager” in dit verhaal. Na drie games stond er een mooie 1 – 0 op de borden door Ruud. Ook Peter won zijn eerste partij en dat stemde mij wat meer gerust toen ik mocht aantreden tegen C. Dries (Theo). Ik moet eerlijk bekennen dat ik z’n naam bij het schrijven van dit stukje bijna vergeten was, maar zijn spel en met name z’n rubber helemaal niet. Het is dat deze beste tegenstander nog op tijd terug in de zaal was (hij was zijn schoenen vergeten en woonde “op zuid”) anders hadden we dit punt al eerder binnen gehad volgens de statuten en reglementen. Nee, de derde klasse is zo gek nog niet.
Al bij het inspelen raakte ik geen pepernoot vanwege het anti en het notenhouteneikenblad wat het slagdeel van zijn batje genoemd kan worden. Ik denk, dit gaat helemaal niets worden, maar na wat gouden tips van Bram na de eerste game, ging ik het anders doen en kwam zowaar in mijn element met wat vlakke klappen en dicht bij de tafel blijven. Uiteindelijk heb ik de partij in 5 games gewonnen en achteraf bleek het mijn beste partij te zijn geweest van deze avond. Nee, de derde klasse is zo gek nog niet.
Het dubbel begint zowaar een succesverhaal te worden. Voor de tweede keer op rij is de vierde partij “onze partij” en wordt het ingespeelde duo Peter/Ruud een zekerheid en een belangrijke bijdrage aan het 5 puntengemiddelde voor handhaving in de derde klasse die zo gek nog niet is.
Vervolgens wint Peter ook zijn tweede partij, waarin “de zager” voor de tweede keer van dichtbij als tellert kan aanschouwen hoe het is om te spelen tegen de “de spinner” in zijn laatste partij. Dit kan uitermate handig zijn voor het verloop van de avond. Vervolgens ontstaat er een kleine kanteling in de wedstrijd. Er wordt namelijk van partij zes tot en met negen niets meer gewonnen. Ruud mag dan bij een stand van 5 – 4 het beslissende punt binnenslaan en deed dit zeer bekwaam. Daarmee kunnen we nog geen voorbarige conclusies trekken. We hebben gewonnen en dat is belangrijk, maar we hadden liever nog een punt extra gehad. Bij het schrijven van dit stukje staan we derde, maar belangrijker is dat we boven de streep blijven en met de twee loodzware thuiswedstrijden tegen nummers één en twee voor de boeg is handhaven ons credo. Kortom: we zijn er nog niet, maar we zijn onderweg met het gemiddelde van boven de vijf. Donderdag nieuwe kansen met vier teams thuis in hopelijk een kolkende ambiance. Nee, de derde klasse is nog steeds zo gek nog niet.